Zo borgen we een goede begeleiding.
Eind 2020 zijn we gestart met het op een uniforme wijze registreren van jongeren die niet verder gaan leren na het halen van hun diploma op het Voortgezet Speciaal Onderwijs, Praktijkonderwijs of de Entree-opleiding. Deze registratie is een van de stappen om de jongeren goed te kunnen begeleiden naar een passende plek in de maatschappij.
Zo’n 450 Twentse jongeren halen elk jaar een diploma op het Voortgezet Speciaal Onderwijs, Praktijkonderwijs of de Entree-opleiding en studeren daarna niet verder. Scholen, Regionale Meld- en Coördinatiepunten (RMC) en gemeenten werken samen om deze jongeren voor te bereiden op hun volgende stap. “We helpen hen bijvoorbeeld bij het vinden van een geschikte werkplek of bij de dagbesteding. Daarbij zijn vele professionals betrokken die dit met toewijding doen”, benadrukt projectleider Sandrine Wermelink van gemeente Hengelo. “Toch zien we verbeterkansen, we willen voorkomen dat jongeren tussen wal en schip vallen. Want ondanks alle inzet raken we soms toch nog het zicht op jongeren kwijt.”
Regionale aanpak en nazorg
Om de jongeren beter te kunnen volgen en begeleiden ontwikkelen onderwijs en gemeenten samen een regionale aanpak. De stuurgroep, bestaande uit onderwijsbestuurders en wethouders, formuleerde daarvoor twee belangrijk stappen:
- Uiterlijk een half jaar voor het verlaten van school onderzoeken de school en RMC samen met de jongere zijn of haar kansen in de maatschappij.
- Na het verlaten van school volgt het RMC de jongeren tot ze drieëntwintig en liefst tot zeventwintig jaar zijn. Als jongeren uitvallen willen we zo snel mogelijk samen met de jongere onderzoeken wat er nodig is om weer terug naar school of werk te gaan. Zo willen we de positie van de jongeren op de arbeidsmarkt verstevigen en snel kunnen handelen als zich problemen voordoen.
Inmiddels zijn hiervoor twee projecten gestart: uniforme registratie in Intergrip-JIKP onder leiding van Sander Klimstra en het project Samenwerking Nazorg VSO-Pro-Gemeenten met projectleider Sandrine Wermelink.
Registreren van jongeren in Intergrip-JIKP
De begeleiding van de jongeren start met een registratie in het systeem Intergrip-JIKP (JIKP staat voor jongeren in kwetsbare positie). Sander Klimstra legt uit hoe het werkt: “Scholen geven in november aan wat het verwachte uitstroomprofiel van een jongere is. Scholen begeleiden, waar nodig samen met RMC, de jongere bij de juiste vervolgstap. En in het voorjaar vullen de scholen het definitieve uitstroomprofiel in.” Met hulp van Intergrip-JIKP en de ondersteuning van Kennispunt Twente houdt het RMC de jongeren in beeld. “Als we bijvoorbeeld zien dat een jongere gestopt is met werken, of minder maandelijks inkomen ontvangt, nemen we contact op met de jongere. We bekijken wat er aan de hand is en hoe we hen het beste kunnen ondersteunen.”
Voortgangsrapportage gedeeld
Scholen vulden eind vorig jaar de eerste keer het systeem in. Ruim vierhonderd jongeren werden in Intergrip-JIKP geregistreerd met uitstroomperspectieven arbeid of dagbesteding. Sander: “Onlangs deelden we met de scholen en RMC-subregio’s een voortgangsrapportage. Hierin stond onder andere hoeveel jongeren per gemeente gaan uitstromen. Met deze informatie bereiden we de Twentse gemeenten voor op de dienstverlening die ze aan deze jongeren kunnen verlenen. De informatie is ook essentieel voor de RMC-subregio’s. Zo weten de RMC’s welke jongeren ze moeten monitoren, zodat de jongeren in beeld blijven.”
Eenduidige aanpak nazorg
“De komende tijd gaan we aan de slag om als scholen en gemeenten de nazorg voor jongeren uit het VSO en PrO te versterken”, vertelt Sandrine Wermelink. De samenwerking richt zich op hoe de begeleiding van jongeren eruitziet als ze de overstap maken naar werk, dagbesteding of een andere school. “Dat gebeurt nu op veel verschillende manieren. Na het verlaten van de school willen we de jongeren in beeld houden om te kunnen volgen hoe het gaat op langere termijn. Wat is hun arbeidsmarktpositie, woon- en gezinssituatie en zijn ze voldoende voorbereid op een zo zelfstandig mogelijk leven? We willen een sluitende keten, zodat er geen jongeren meer tussen wal en schip vallen. Uiteindelijk moet dit leiden tot betere ondersteuning.”
Pluspunt: beter volgen levert waardevolle informatie
“Door jongeren langer te volgen, leren we een heleboel over het effect van onze ondersteuning”, stelt Sandrine. “Zijn de jongeren op de goede plek terechtgekomen? Wat kunnen we verbeteren in de ondersteuning? Waar zitten knelpunten in de samenwerking en hoe kunnen we verbeteringen samen financieren? Hierdoor krijgen gemeenten en scholen niet alleen zicht op de onderdelen zorg en arbeid, maar bijvoorbeeld ook op wonen en financiën. Misschien ontdekken we dat veel jongeren schulden opbouwen en is op school meer aandacht nodig voor het verstandig omgaan met geld”, blikt Sandrine vooruit. “Maar allereerst versterken we de keten rond de jongeren, zodat geen enkel kind buiten beeld raakt.”
Landelijk kwartiermaker
Met ingang van 1 januari 2021 is er een landelijk kwartiermaker arbeidstoeleiding PrO-VSO aangesteld. Patrick Hallink vervult deze functie. Een initiatief van het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, de sectorraad Gespecialiseerd Onderwijs en de sectorraad Praktijkonderwijs met als wens in elke arbeidsmarktregio een coördinator PrO-VSO te hebben. Het doel is dat de coördinatoren een landelijk netwerk gaan vormen om VSO en PrO te vertegenwoordigen op het gebied van arbeidstoeleiding. Het project Samenwerking en Nazorg VSO-PrO-Gemeenten is met dit initiatief verbonden.
Heb je vragen over het project Samenwerking Nazorg VSO-PrO-Gemeenten, neem dan contact op met Sandrine Wermelink, s.wermelink@hengelo.nl.
De stuurgroep bestaat uit onderwijsbestuurders Harry Gerichhaussen (SOTOG) en Aart van ’t Veld (CSG Reggesteyn) en wethouders Arjan Kampman (Enschede) en Arjen Maathuis (Almelo).