Netwerkbijeen-komst Enschede
Belangrijkste inzichten: netwerkbijeenkomst Enschede
Op dinsdag 11 maart vond de netwerkbijeenkomst voor VSO/PRO-jongeren in Enschede plaats. Medewerkers van VSO/PRO-scholen, doorstroomcoaches en gemeentelijke vertegenwoordigers kwamen samen om te bespreken hoe de overgang van school naar werk of vervolgonderwijs voor jongeren in de regio nog beter ondersteund kan worden. Het doel van de bijeenkomst was om de nazorg en het overdrachtsproces voor deze kwetsbare groep te verbeteren, zodat zij met meer zekerheid en ondersteuning de eerste stappen op de arbeidsmarkt kunnen zetten.
De bijeenkomst begon met een presentatie over de belangrijkste informatie over de nieuwe wet ‘van school naar duurzaam werk’, die naar verwachting, 1 januari 2026 in werking treed. Ook jongere Percy was aanwezig en vertelde over zijn schooltijd en nazorgtraject. Binnenkort lees je zijn verhaal op deze website. In dit artikel nemen we je mee langs de belangrijkste inzichten en actiepunten die tijdens de bijeenkomst aan bod kwamen, met de focus op drie thema’s: het overdrachtsdocument, nazorg en jongerenparticipatie.
Drie belangrijke thema’s
1. Overdrachtsdocument: eenvoud en uniformiteit
In de bijeenkomst werd aangegeven dat scholen en doorstroompunten gebruik maken van verschillende systemen zoals digitaal portfolio, IOP’s en Intergrip. Er is echter een sterke voorkeur voor het ontwikkelen van één uniform systeem dat deze verschillende systemen combineert. Het is belangrijk dat jongeren zelf invloed hebben op wat er in het overdrachtsdocument komt te staan. Voor leerlingen binnen het ZML-onderwijs blijkt het echter lastig om hier actief aan bij te dragen. Op dit moment leeft dit onderwerp nog onvoldoende bij hen. De school draagt de hoofdverantwoordelijkheid voor het opstellen van het document, maar het is belangrijk dat jongeren hierin goed worden meegenomen. Er werd benadrukt dat de administratieve lasten niet verder mogen toenemen. Het overdrachtsdocument moet eenvoudig, overzichtelijk en toegankelijk zijn, met een centrale rol voor de vijf leefgebieden uit het huidige toekomstplan. Stage is een belangrijk onderdeel voor jongeren die worden voorbereid op werk. Voor VSO-scholen is dit niet altijd eenvoudig, omdat zij vaak samenwerken met meerdere gemeenten waar verschillende regels kunnen gelden. Daarnaast vormen bekostigingskwesties rondom vervoer en betaalde stageplekken een extra uitdaging.
2. Nazorg: een gezamenlijke verantwoordelijkheid
Nazorg voor VSO- en PRO-jongeren wordt als heel belangrijk gezien door gemeenten, doorstroompunten en scholen. Er is een brede wens om die nazorg te behouden én te verbeteren. Een goede, duidelijke communicatie tussen school en gemeente is daarbij belangrijk. Op dit moment houden scholen de nazorg op hun eigen manier bij, maar iedereen is het erover eens dat dit beter kan. Een vast format of plan waarin alleen de belangrijkste zaken worden vastgelegd, zou daarbij helpen. Ook regionale afstemming is een belangrijke wens, zeker omdat doorstroompunten en scholen al regelmatig overleggen en goed contact met elkaar hebben. In Enschede volgt de gemeente oud-leerlingen minimaal een jaar na uitstroom, en veel werkgevers in de regio dragen positief bij aan de nazorg. Er zijn veel bedrijven met een ‘sociaal hart’. Scholen gaven aan graag meer samen te willen werken om bijvoorbeeld praktische certificaten aan te bieden, zoals een heftruckopleiding. Tegelijkertijd maken ze zich zorgen over de nieuwe wetgeving rondom nazorg die op 1 januari 2026 ingaat. Vooral de beperkte vijf uur nazorg die nu is voorgeschreven, roept vragen op. In Enschede verloopt de communicatie over nazorg gelukkig goed. Duidelijke afspraken zijn daarbij belangrijk: de school voert de nazorg uit, maar stemt af met de gemeente wanneer er actie nodig is. De doorstroomcoach is hierin belangrijk en moet ook na de uitstroom betrokken blijven. Toch gaat het niet altijd vlekkeloos, zeker als scholen met meerdere gemeenten samenwerken. Dan ontstaan er soms misverstanden in de communicatie en afstemming. Voor jongeren die doorstromen naar ROC van Twente is er extra begeleiding vanuit het Loopbaancentrum van ROC Twente, wat zorgt voor een soepele overgang. Nazorg blijft uiteindelijk maatwerk, want elke jongere – of die nu van het VSO of PRO komt – heeft weer iets anders nodig.
3. Jongerenparticipatie: eigenaarschap en goede begeleiding
Alle betrokken partijen – scholen, doorstroompunten en gemeenten – zijn het erover eens: jongeren moeten zelf de regie hebben over hun overdrachtsdocument. In de praktijk is dat alleen nog best lastig. Veel jongeren hebben hierbij ondersteuning nodig, bijvoorbeeld van een vertrouwenspersoon die hen helpt om het proces goed te doorlopen. Het is belangrijk dat de jongere, samen met de school en eventueel zo’n vertrouwenspersoon, de juiste informatie verzamelt voor het document.
Tijdens de bijeenkomst gaf jongere Percy aan hoe belangrijk het is dat het document in duidelijke, begrijpelijke taal is geschreven. Ook keek hij kritisch naar de inhoud: zijn alle leefgebieden wel echt relevant voor elke jongere?
Conclusies en vervolgafspraken
De bijeenkomst heeft veel waardevolle inzichten opgeleverd. Het werd duidelijk dat er een sterke wens is om de nazorg voor VSO/PRO-jongeren in Enschede verder te verbeteren, met een uniforme aanpak. Netwerkcoördinator Jeroen Dijkstra verwerkt de verkregen inzichten tot een plan van aanpak. Dit plan wordt daarna gedeeld met alle betrokken partijen.
Door deze gezamenlijke inzet zorgen we ervoor dat jongeren de juiste ondersteuning krijgen
en met succes doorstromen naar een duurzame werkplek!