Twentse Belofte kinderen

Wat heeft een leerling nodig?

Wat heeft een leerling nodig om wél naar school te kunnen?

Een leerling die vaak te laat komt. Een jongere met steeds terugkerende hoofdpijn. Of een klas waarin opvallend veel kinderen overprikkeld zijn. Jeugdarts bij GGD Twente Simone Kienhuis kijkt samen met leerlingen, ouders en scholen naar wat er achter verzuim of dreigende uitval schuilgaat. Haar vertrekpunt is steeds dezelfde vraag: wat heeft deze leerling nodig om wél op school te kunnen zijn?

De rol van de jeugdarts begint vaak bij nieuwsgierigheid: Wat speelt er achter het missen van lessen? Is er sprake van medische klachten, overprikkeling, spanning, slaapproblemen, pestgedrag of iets in de thuissituatie? Volgens Simone is het belangrijk om niet te snel één oorzaak aan te wijzen. Juist door breder te kijken, ontstaat er ruimte voor oplossingen die passen bij het kind én bij school.

Jeugdarts Simone Kienhuis

Een leerling met veel hoofdpijn en vermoeidheidsklachten vormt daar een mooi voorbeeld van. De huisarts heeft al meegekeken, maar de klachten blijven. Simone kijkt dan verder. Hoe slaapt de leerling? Hoeveel tijd gaat naar telefoon en sociale media? Eet de leerling voldoende? Hoe gaat het thuis? Zijn er vrienden? En hoe voelt school?

“Het is niet alleen het medische stukje. Wij zijn sociaal-medisch opgeleid. Je kijkt eigenlijk naar alle aspecten.” Soms ligt de oplossing juist in het dagelijks leven of op school. Een leerling kan bijvoorbeeld beter functioneren met een aangepast ritme. “Ik heb liever dat een kind elke dag een aantal uur naar school gaat dan dat het een volledige dag meedraait en vervolgens de rest van de week moet bijkomen.”

Een brede blik op schoolaanwezigheid

GGD Twente is vaak een brug tussen school, ouders, leerling en behandelaren, zoals een huisarts, medisch specialist of de Geestelijke Gezondheidszorg. Een diagnose betekent namelijk niet automatisch dat een leerling minder naar school kan. Soms vraagt het vooral om praktische aanpassingen: een rustiger lokaal, een andere verdeling van de schooldag of een plek waar een leerling even kan bijkomen. Simone noemt kinderen met allergieën of astma. “Die kunnen vaak prima naar school. Maar je moet ze bijvoorbeeld niet in een heel stoffig lokaal zetten.” Ook daar begint het met kijken naar wat een leerling nodig heeft om de schooldag goed vol te houden. “Daarnaast kunnen ouders ook altijd laagdrempelig contact met ons opnemen om te overleggen wat er mogelijk is.”

Simone vertelt dat de verschuiving van denken in verzuim naar denken in schoolaanwezigheid vraagt om een andere toon van het gesprek. “Niet: waarom ben je er niet? Maar: wat maakt dat het niet altijd lukt om er te zijn? Dat verschil lijkt klein, maar voor leerlingen en ouders kan het veel uitmaken.” Juist de preventieve blik is volgens Simone belangrijk. Scholen hoeven niet te wachten tot een leerling volledig is uitgevallen. Ook zorgen over gedrag, mentale gezondheid of medische signalen kunnen reden zijn om Simone of haar collega’s te betrekken. “Als je ziet: het gaat niet lekker met een kind, trek dan op tijd aan de bel. Wacht niet tot een kind helemaal uitvalt.”

Van individuele leerling naar de hele school

Naast individuele begeleiding heeft GGD Twente ook een collectieve taak. De gezonde schooladviseurs zijn beschikbaar voor alle scholen in Twente en kunnen met scholen meedenken over het inzetten van interventies, bijvoorbeeld op het gebied van mentale gezondheid, leefstijl of seksualiteit.

Omdat de jeugdgezondheidszorg veel kinderen ziet, zien ze patronen. Ze halen patronen uit gesprekken met leerlingen, signalen uit klassen en uit de Gezondheidsmonitor Jeugd. Die informatie helpt scholen om breder te kijken: speelt dit bij één leerling, of zien we iets terug op klas- of schoolniveau?

Een voorbeeld is overprikkeling. Een leerling kan individueel begeleiding nodig hebben, maar als veel leerlingen overprikkeld raken, kan de vraag ook zijn: hoe is de schooldag ingericht? Zijn er voldoende rustige plekken? Is er ruimte om prikkels te verminderen? Zo verschuift de aanpak van repareren naar voorkomen.

Hetzelfde geldt bijvoorbeeld voor pestgedrag. Als meerdere leerlingen uit dezelfde klas vertellen dat er wordt gepest, kan Simone dat signaal terugbrengen naar school. Dan hoeft de oplossing niet bij ieder kind afzonderlijk te liggen. Soms vraagt het juist om een gesprek met de klas, de mentor of het team.

Slapen, eten en mentale weerbaarheid

Schoolaanwezigheid hangt samen met meer dan wat er op school gebeurt; ook slaap, voeding en mentale weerbaarheid hebben invloed op hoe een leerling de schooldag begint en volhoudt. 

  • Slecht slapen kan ervoor zorgen dat leerlingen structureel te laat komen of de eerste uren missen. Soms helpt voorlichting aan ouders en leerlingen over slaap en het puberbrein. Sommige scholen onderzoeken daarom of een half uurtje later beginnen jongeren helpt om op tijd en met meer energie op school te komen. “Als een half uurtje al zoveel scheelt, dan zijn dat gewoon heel praktische dingen die je als school kunt oppakken.”
  • Ook eten speelt een rol. Uit de gezondheidsmonitor blijkt dat sommige leerlingen niet ontbijten en ook op school niet eten. Dat kan leiden tot vermoeidheid, duizeligheid en concentratieproblemen. Voor een school is dan niet alleen de vraag dát leerlingen niet eten, maar vooral waarom. Is er te weinig privacy in de kantine? Is de pauze onhandig ingericht? Is er thuis geen eten om mee te nemen? Of kiezen leerlingen ervoor om buiten school iets te halen en komen ze daardoor te laat terug in de les? Een lege maag kan veel invloed hebben op de schooldag. Voor een leerling die moe of duizelig is en zich moeilijk kan concentreren, is het moeilijker om de lesdag vol te houden.
  • Mentale weerbaarheid is een derde belangrijk thema. Daarin gaat het niet om snelle oplossingen, benadrukt Simone, maar om duurzame aandacht voor dit thema. Programma’s of interventies werken vooral wanneer ze onderdeel worden van schoolbeleid en passen bij de cultuur van de school.

Zo kan iets wat op het eerste gezicht weinig met schoolaanwezigheid te maken heeft, toch veel invloed hebben op hoe vaak een leerling naar school komt.

Loop je op school tegen vragen aan rondom schoolaanwezigheid, gezondheid of het welzijn van een leerling? Simone en haar collega’s denken graag mee wanneer er zorgen zijn over de gezondheid, het welzijn of de schoolaanwezigheid van een leerling. Simone is bereikbaar via: S.kienhuis@ggdtwente.nl

Scroll naar boven